Bionieuws

Nomen est Omen

Reusachtige dikkop

Een Chinese reuzensalamander van ruim een meter in een kweekbak. Foto Qijun Wang.

Andrias davidianus

Met een recordgewicht van bijna 65 kilogram en -lengte van 1 meter 80 is de Chinese reuzensalamander (Andrias davidianus) de grootste amfibie ter wereld. Het is een volledig in water levende salamander die ook wel wat wegheeft van een excessief doorgegroeid dikkopje. Volgens Chinese onderzoekers dreigt deze reuzenamfibie in het wild uit te sterven, juist nu zij ontdekt hebben dat het eigenlijk om minstens vijf soorten gaat in plaats van één (Current Biology, 21 mei online).

De reuzensalamander is in China een luxueuze lekkernij en wordt tegenwoordig gekweekt in vijvers. Het is hiervoor verboden salamanders in het wild te vangen en steeds vaker worden juist gekweekte exemplaren in het wild uitgezet. Tragisch genoeg is dat meteen het probleem: door de willekeurige uitzetting in rivieren verdampt de vier miljoen jaar genetische diversificatie in verschillende herkomstgebieden. Exemplaren die nu in de Yangtze zwemmen, bezitten al het mitochondriaal haplotype van reuzensalamanders die oorspronkelijk in de Gele rivier leefden. De onderzoekers vonden ook geen bewijs dat er uit de minstens 72 duizend geweekte reuzensalamanders die zijn uitgezet levensvatbare populaties in het wild zijn ontstaan. Het lijkt een gevalletje ‘slechte taxonomie die uitsterven kan veroorzaken’, constateren de onderzoekers somber.

Wonderlijk is ook de herkomst van de wetenschappelijke naam van de reuzensalamander. Andrias betekent in oud-Grieks ‘beeld van een mens’. Dit verwijst naar het beroemde fossiel dat de Zwitserse arts en natuuronderzoeker Johann Jakob Scheuchzer in 1726 doopte tot Homo diluvii testis: Mens, getuige van de Zondvloed. Het zo’n dertien miljoen jaar oude fossiel uit Öhningen belandde in 1802 in het Teylersmuseum van Haarlem en de Franse anatoom George Cuvier ontmaskerde het na extra beitelwerk in 1811 als een reuzensalamander. De fossiele salamander heet nu officieel Andrias scheuchzeri.

De fossiele salamander Andrias scheuchzeri uit het Teylers Museum (links) en de afbeelding van de Zondvloedmens (Homo diluvii testis) uit het boek Lithographia Helvetica van Johann Jakob Scheuchzer uit 1726.

De soortstoevoeging davidianus komt van de Franse missionaris en natuuronderzoeker Armand David die vanaf 1866 drie keer op strooptocht ging door China. Hij ‘ontdekte’ ook het pater-davidshert (Elaphurus davidianus), de vaantjesboom (Davidia involucrata) en die andere reus waarmee het in het wild niet zo reusachtig gaat: de reuzenpanda.

Dit artikel verscheen in Bionieuws 10 van 2 juni 2018.