Bionieuws

Column

Mus

Een Italiaanse huismusmannetje. Foto Claudio Gennari

‘Ons welbevinden staat onder druk door de wereldwijde degradatie van land en natuur. Alhoewel het tij nog te keren is, wordt gevreesd voor verdere achteruitgang in de komende decennia. Dat concludeert het Intergovernmental Science-Policy Platform on Biodiversity and Ecosystem Services (Ipbes)’, zo meldt een nieuwsbericht van het Planbureau van de Leefomgeving op 26 maart monter. Het bericht besluit met een hoopvolle constatering: ‘De aanbevelingen vanuit de Ipbes lijken net als de IPCC zeer serieus genomen te worden.’

In ruim drie jaar hebben zo’n 550 onderzoekers de achteruitgang van de biodiversiteit inzichtelijk gemaakt. Een megaklus die eind maart is afgerond met de presentatie van vier kloeke rapporten over de mondiale teloorgang van de natuur. Het Ipbes hoopt in de voetsporen te treden van het veel bekendere Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC), die – het heeft wel wat bloed, zweet en tranen gekost – de klimaatproblematiek op de kaart heeft gezet.

Voor biodiversiteit is hier nog een aardige weg te gaan. Zo bleek ook tijdens het debat rond het boek van de Britse bioloog Chris Thomas dat 28 maart in Amsterdam plaatsvond. Thomas riep biologen op zich niet blind te staren op het uitsterven van soorten. Er komen immers ook soorten bij: door introductie van exoten en door hybridisaties. Dus, lang leve de Italiaanse mus (Science Advances, 2017).

Als we boekhouden, dan moeten we niet alleen de soorten tellen die we verliezen, maar ook de soorten die we erbij krijgen. Klinkt heel erg redelijk en ik moest even met mijn ogen knipperen toen ik in Nature las dat nota bene door klimaatopwarming de soortenrijkdom aan planten rond Europese bergtoppen zelfs flink in de lift zit (zie: ‘Bergtoppen worden steeds plantenrijker’). Is ons jarenlang een rad voor de ogen gedraaid met al die alarmerende berichten over uitstervingsgolven, kantelpunten en landschapspijn?

Je bent een soort pas kwijt als die
van de aardbodem is verdwenen

Niet echt, maar biodiversiteitsverlies is wel veel lastiger meetbaar dan klimaatopwarming. Je bent een soort immers pas kwijt als het laatste exemplaar uit een land of van een continent of de aardbodem is verdwenen. Zolang we geen betere en ook voor een breed publiek begrijpelijke maat voor biodiversiteitsverlies hebben, zal klimaatopwarming beter scoren. En blijven we ook blij met een levende Italiaanse mus.

Deze column verscheen in Bionieuws 7 van 7 april 2018.