Bionieuws

Onderwijs & Werk

‘Leerboeken zijn zeker niet heilig’

Over stamcellen staat de nodige gedateerde informatie in de leerboeken. Kan het actueler of is het beter middelbare scholieren niet te onderwijzen in de waan van de dag?

‘Een foutloos leerboek is een illusie. Dat is iets wat zowel leerlingen als docenten zich moeten beseffen. De inhoud van een leerboek is een compromis tussen wat in de wetenschap bekend is, de eisen uit het examen en de ambities van auteurs en uitgevers. Gemiddeld loopt een leerboek ongeveer tien jaar achter, maar dat valt nog mee als je het afzet tegen de doelen die in het examenprogramma beschreven staan. Die lopen misschien wel twintig jaar achter op de ontwikkelingen in de wetenschap’, stelt bioloog Onno Kalverda, ervaren auteur van verschillende leermethoden en bestuurslid van de sectie Educatieve Auteurs van de Auteursbond.

Kampioen der stamcellen
Kalverda is dan ook niet verbaasd dat de biologieleerboeken achterlopen in de kennis die zij presenteren over stamcellen. Die constatering komt van stamcelonderzoeker Hans Clevers van het Hubrecht Laboratorium en Prinses Máxima Centrum voor kinderoncologie, op 12 januari openingsspreker op de NIBI-Onderwijsconferentie Biologie voor de Toekomst in Lunteren. Clevers geeft de ruim 650 deelnemende biologiedocenten een crash course nieuwste ontwikkelingen in het stamcelonderzoek en toepassingen van mini-orgaantjes (zie ook het achtergrondverhaal ‘Opmars van de mini-orgaantjes’ in Bionieuws 17 van 22 oktober 2016). Hij vertelt over de sleutelontdekking die zijn onderzoeksgroep deed in 2007. Zij identificeerden toen de ‘kampioen aller stamcellen’ in het darmepitheel. Letterlijk aangetroffen in de kelders of crypten van de darmvlokken zaten daar – tussen de zogeheten panethcellen – de stamcellen die in een soort lopende band vernieuwing naar het celepitheel aandrijven.

‘Ze staan nog niet in de leerboeken, maar ze zitten er dus wel’

‘Ze staan nog niet in de leerboeken, maar ze zitten er dus wel’, vertelt Clevers. Vergelijkbare orgaanspecifieke stamcellen zijn inmiddels in vrijwel alle weefsels gevonden en worden gebruikt in het onderzoek naar mini-orgaantjes voor nieuwe gentherapieën en medicijnontwikkeling. Clevers: ‘Inmiddels weten we ook dat sommige dogma’s niet meer opgaan. Het idee was altijd dat alleen stamcellen zich kunnen specialiseren, en dat er geen weg terug is. Maar nu vinden we ook gespecialiseerde cellen die zich kunnen omvormen tot stamcellen. Ook dat staat vast nog niet in de leerboeken.’

Terughoudend
Na afloop van de lezing erkent Clevers dat hij de terughoudendheid van de leerboeken wel begrijpt. ‘Ze kunnen niet vooroplopen en zelfs in het vakgebied zelf is niet iedereen het er altijd over eens wat precies de label stamcel verdient.’ Een speurtocht in de twee meest gebruikte leerboeken in het middelbare biologieonderwijs – Biologie voor jou (Bvj) van Malmberg en Nectar van Noordhoff Uitgevers – leert dat die voor wat betreft stamcellen inderdaad redelijk terughoudend zijn. In bijvoorbeeld Nectar 4 havo (4e editie, 2017) worden stamcellen slechts kort aangestipt als ‘niet gespecialiseerde cellen met het vermogen te blijven delen’. Ze bevinden zich ‘op plaatsen waar de weefsels snel slijten, zoals in de huid en in de darmen’. In een bijgaande illustratie wordt alleen gesproken over ‘verschillende typen stamcellen’ en bloed-, zenuw-, bindweefsel-, kraakbeen- en beencellen als concrete voorbeelden getoond. Nectar geeft overigens wel een opmerkelijk brede claim voor de toepassing: ‘Artsen gebruiken stamcellen om weefsels en organen te maken.’

Geen woord gerept
Ook Biologie voor jou blijft op de vlakte. In Bvj havo 4a (5e druk, 11e oplage) wordt van stamcellen gemeld: ‘Afhankelijk van de omstandigheden vormen ze bepaalde celsoorten, weefsels en organen. In een box wordt wel kort ingegaan op een doorbraak in het stamcelonderzoek waarover onderzoekers van het Erasmus Medisch Centrum in 2011 berichtten. Het betreft de ontdekking dat ‘een eiwit voorkomt dat een stamcel zich specialiseert’. Over de revolutionaire ontwikkeling van geïnduceerde pluripotente stamcellen sinds 2006 – waarvoor de Japanse en Britse ontwikkelingsbiologen Shinya Yamanaka en John Gurdon in 2016 de Nobelprijs kregen – wordt ook in vwo-edities van Nectar en Bvj met geen woord gerept.

Uitglijders
‘Leerboeken zijn behoudend en zeker niet heilig’, erkent educatief auteur Kalverda, die meewerkte aan edities van Bvj en Nectar. ‘Het is altijd een gevecht tussen auteurs en uitgever wat er voor nieuwe informatie in de leerboeken komt. Je wil wel graag recente context aanbieden, maar als je dat goed wil doen, kost dat ook veel inspanning. Ik ben eigenlijk wel 50 tot 75 procent van mijn tijd bezig met research’, stelt Kalverda. Het voorkomen van fouten en uitglijders staat voorop. ‘Elke keer vinden we iets wat toch beter kan. Rond stamcellen kan ik me zo geen voorbeeld voor de geest halen, maar we hebben bijvoorbeeld recent wel een tekst bijgesteld over steroïdhormonen’, aldus Kalverda.

Het zijn vaak docenten die auteurs en uitgevers attenderen op fouten of onduidelijkheden en indien nodig wordt dit gemeld in errata of digitale nieuwsbrieven om ook andere docenten hierop te attenderen. ‘Fouten kunnen ook een functie hebben, omdat ze illustreren dat wetenschap voortdurend in beweging is’, meent Kalverda. ‘Het is in ieder geval een utopie te denken dat alle informatie in leermethoden juist en up-to-date is.’

Dit artikel verscheen 27 januari in Bionieuws 2