Bionieuws

Onderwijs & Werk

Instroom biologie groeit wederom

De instroom van de eerstejaars biologie aan Nederlandse universiteiten, met beeldmateriaal uit de campagne van de Universiteit Utrecht, de grootste biologie-opleiding in Nederland. Bron cijfers: Bionieuws..

De Engelse taal lijkt geen belemmering voor instroom van aspirant-biologiestudenten, maar numerus fixus moet nog wel wennen.

Vrijwel alle universitaire bacheloropleidingen biologie kennen dit jaar een flinke groei. Zo blijkt uit de instroominventarisatie die Bionieuws jaarlijks houdt onder opleidingscoördinatoren (zie bijgaande grafieken). De opleiding in Groningen, die – net als die in Nijmegen – dit jaar voor het eerst volledig in het Engels wordt gegeven, groeit zelfs met 31 procent: van 160 naar 210. Dit terwijl de Nijmeegse biologie-opleiding dit jaar als enige juist wel een flinke terugval kent: daar starten eind september 114 eerstejaars, terwijl dat er vorig jaar nog 220 waren.
Het was landelijk echter ook de enige biologie-opleiding met een numerus fixus, van tweehonderd eerstejaars. ‘We gingen al wel uit van een tijdelijke daling, maar de dip is onverwacht wat groter uitgevallen dan gedacht. Dat is jammer, maar we hebben niet het idee dat het komt doordat de opleiding nu volledig in het Engels wordt gegeven’, zegt ontwikkelingsbioloog Gert Jan Veenstra, directeur Onderwijsinstituut voor Biowetenschappen van de Radboud Universiteit.

Aanbeveling
‘Onze indruk is dat vooral de extra vroege aanmelding, die samenhangt met de numerus fixus en de toelatingsprocedure, het meeste effect heeft gehad. We hebben erg ons best gedaan om scholieren erop te wijzen dat ze zich voor 15 januari moeten aanmelden. Het bleek toch lastig dat bij iedereen op tijd tussen de oren te krijgen’, erkent Veenstra. ‘Dat de opleiding nu in het Engels is, vormt geen belemmering. Veel studenten weten vrij zeker wat ze willen en zien Engels juist als een extra aanbeveling’, aldus Veenstra. ‘We trokken voorheen ook wel een deel Duitse studenten, die dan zomers een spoedcursus Nederlands volgden, maar nu is de groep wel iets gevarieerder. Ongeveer 20 procent van de aanmeldingen betreft internationale studenten’, vertelt Veenstra. ‘We zien de dip toch vooral als een aanloopprobleem en willen de komende jaren gewoon terug naar de tweehonderd eerstejaars’, aldus Veenstra.

'Universiteiten moeten gewoon
meer docenten aanstellen als
de instroom toeneemt’

Ook voor het studiejaar 2019-2020 heeft de Nijmeegse biologieopleiding weer een numerus fixus van tweehonderd. Veenstra: ‘Een numerus fixus is eigenlijk het enige instrument dat je hebt om de instroom te reguleren. We kiezen hier voor een kwalitatief hoogstaande opleiding met voldoende contacturen en practica. Ook al zouden we voldoende zaalcapaciteit hebben, dan is meer dan tweehonderd eerstejaars gewoon een te zware belasting voor de docenten’. Vooralsnog heeft geen van de andere biologie-opleidingen voor het komend studiejaar een numerus fixus aangevraagd. NIBI-directeur Leen van den Oever vindt een numerus fixus eigenlijk ook niet een goed middel. ‘Afgestudeerde biologen vinden redelijk snel een baan. Universiteiten moeten gewoon meer docenten aanstellen en hun capaciteit uitbreiden als de instroom toeneemt’, aldus Van den Oever. Geen van de zeven universiteiten met een biologie-opleiding meldt overigens spontaan capaciteitsproblemen vanwege de gestegen instroom.

Groeier
De percentueel grootste groeier is de Vrije Universiteit Amsterdam, waar sprake is van een welkome stijging van 64 procent – van 14 naar 23 eerstejaars – waarmee deze kleinste opleiding het teruglopend tij heeft weten te keren. ‘Het nieuwe voorlichtingsjaar gaan we extra ons best doen om meer studenten te werven als topopleiding’, meldt gedragsecoloog en opleidingsmanager Joris Koene. De nu Engelstalige Groningse opleiding biologie komt met een groei van 31 procent – van 160 naar 210 eerstejaars – na Utrecht op de tweede plaats qua instroom. De eveneens Engelstalige opleiding Life Science & Technology – die als een soort Siamese tweeling van de Groningse biologieopleiding functioneert – groeit ook flink: met 16 procent, van 140 naar 163. Het is niet duidelijk of dit capaciteitsproblemen oplevert: de Groningse opleidingsmanagers zijn – ondanks herhaalde verzoeken – te druk bezet om Bionieuws hierover te woord te staan. Ook de instroom bij de Wageningse, Leidse en Utrechtse biologie-opleidingen groeit flink, met respectievelijk 29, 20 en 12 procent. Alleen de relatief kleine biologie-opleiding van de Universiteit van Amsterdam kent een
marginale daling: daar stromen 55 eerstejaars in, tegen 57 in 2017, een daling van bijna 4 procent.


Instroomcijfers van alle biologie-gerelateerde opleidingen in Nederland, met onder meer beeldmateriaal uit de campagne van de Universiteit Maastricht, de grootste Engelstalige bacherloropleiding biomedische wetenschappen in Nederland. Bron cijfers: Bionieuws.

Motiveren
Bij de bacheloropleidingen biomedische wetenschappen blijkt landelijk sprake van een daling van zo’n 7 procent, die bijna volledig op conto is te schrijven van de enorme opleiding in Maastricht. Die trekt 346 eerstejaars, een daling van 14 procent ten opzichte van de 404 van vorig jaar. Bij vrijwel alle andere biogerelateerde opleidingen is eveneens sprake van een stijgende instroom: met gemiddeld ruim 10 procent. Het Engelstalige Maastricht Science Programme is met 23 procent stijging de grootste groeier en de eveneens Engelstalige Wageningse bachelor dierwetenschappen – nu Animal Sciences – is een goede tweede met een groei van bijna 21 procent, van 106 naar 128 eerstejaars. Studie-adviseur Inge Palm van de opleiding Animal Sciences: ‘De groei in ons studentenaantal is het gevolg van zowel meer internationale als Nederlandse studenten. Dus de Engelse taal lijkt de Nederlandse student niet af te schrikken, zelfs te motiveren voor de opleiding.’

Dit artikel staat in Bionieuws 15 van 6 oktober 2018