Bionieuws

Ecologie & Evolutie

‘Hitteroep vink is bijeffect hijgen’

Een groepje zebravinken onder natuurlijke - zeer hete - omstandigheden bij Fowlers Gap-veldstation in Australië. Foto: Griffith Ecology Lab, griffithecology.com

Het is onwaarschijnlijk dat zebravinken hun ongeboren kroost met speciale roepgeluiden voorbereiden op een warme buitentemperatuur.

‘Embryo’s van zebravinken halen mogelijk wel informatie over hun omgeving uit de roep van hun ouders. Het is echter onwaarschijnlijk dat een hittegerelateerde roep een specifiek geëvolueerd signaal is waarmee ze hun nakomelingen op warme klimaatomstandigheden voorbereiden. De verscheidenheid aan omstandigheden waaronder zebravinken die roep produceren is daarvoor simpelweg te groot’, stelt de Wageningse gedragsecoloog Marc Naguib, tweede auteur van een artikel in Behavioral Ecology (8 oktober online). Hierin wordt op basis van een uitgebreide veldstudie een belangrijke conclusie weerlegt uit eerder onderzoek (Science, 2016) dat veel media-aandacht kreeg, onder meer in Bionieuws van 27 augustus 2016. Zebravinken zouden ‘weerberichten’ voor hun eitjes zingen en met een speciale hitteroep hun embryo’s waarschuwen voor een warm buitenklimaat. Die verlengen daarop hun ontwikkelingstraject en kruipen daardoor later uit hun ei.

Beeld van het zebravink-onderzoek bij Fowlers Gap-veldstation van de Macquarie University in Australië. Foto: Griffith Ecology Lab, griffithecology.com

‘Dat onderzoek sprak zeer tot de verbeelding, maar wij waren niet echt overtuigd. Het is zeker sexy Science-onderzoek dat onder laboratoriumomstandigheden is gedaan, maar wij wilden weten of het ook in het veld speelt’, aldus Naguib. De nestkasten met in het wild levende zebravinken bij het Fowlers Gap-veldstation in het binnenland van Australië zijn daarvoor voorzien van apparatuur om de temperatuur te meten en geluiden op te nemen. ‘We doen daar al samen met de Macquarie University in Sydney akoestisch onderzoek aan zebravinken waarvoor we geluidsopnamen analyseren, dus dat was geen grote extra investering. Het kostte wel drie maanden veldwerk en dan nog meerdere maanden analyse’, schat Naguib. In totaal is 1696 uur aan geluidsopnamen ingezameld en geanalyseerd voor 42 nestkasten met zebravinken in verschillende stadia van het broedseizoen.

'We hebben niet eens geprobeerd deze
weerlegging in Science te publiceren omdat
je het dan veel te beknopt moet opschrijven'

Uit het onderzoek blijkt dat de hitteroep – vanwege het karakteristieke spectrogrampatroon ook wel v-roep of incubation call genoemd – inderdaad een verband vertoont met een oplopende temperatuur. ‘Die roep is bij in het wild levende zebravinken echter niet beperkt tot het eind van de broedtijd, maar treedt tijdens de hele broedperiode op’, vertelt Naguib. Video’s van zebravinken in gevangenschap tonen volgens hem ook aan dat vogels de karakteristieke roep produceren als ze hijgen door warmte. ‘De roep lijkt eerder een artefact van het hijgen en treedt bij vrijlevende zebravinken ook pas op bij veel hogere temperaturen dan de 26 graden Celsius die de Science-publicatie als ondergrens geeft. Voor zebravinken in het veld is dat niet echt heet’, aldus Naguib. ‘We hebben niet eens geprobeerd deze weerlegging in Science te publiceren omdat je het dan veel te beknopt moet opschrijven. De onderzoeksgegevens spreken voor zich. Onze belangrijkste boodschap is dat zulk soort claims op basis van te beperkte data uit het laboratorium altijd ook een gedegen ecologische onderbouwing verdienen.’

Animatiefilmpje dat Science uitbracht over zebravinkouders die hun eieren waarschuwen dat het buiten heet is.

Ecoloog Mylene Mariette van de Deakin University in Australië, eerste auteur van het oorspronkelijke Science-artikel, is niet erg onder de indruk. ‘Elke suggestie dat deze studie onze eerder gepubliceerde bevindingen ongeldig maken, is totaal ongegrond’, schrijft ze in een reactie. Volgens haar zijn enkele nu gepresenteerde feitelijke gegevens ‘absoluut opwindend’ en repliceert de studie in ieder geval twee van hun vondsten. ‘Namelijk dat de speciale roep duidelijk gekoppeld is aan hoge omgevingstemperaturen en dat deze vaker voorkomt aan het einde van het broeden.’ Ze noemt de studie ‘uiterst misleidend’ en verwijt de auteurs ‘eigenaardige interpretaties’ en ‘speculaties’. ‘Belangrijk is dat het onderzoek geen enkel ontwikkelingseffect op embryo’s in twijfel trekt of test’, aldus Mariette. ‘Het laat alleen zien dat ouders de roep niet uitsluitend voor hun embryo’s produceren’.

Dit artikel verscheen in Bionieuws 16 van 20 oktober 2018.