Bionieuws

Nomen est Omen

Hardnekkige vampiertjes

Dermanyssus gallinae, de vogelmijt. Foto: Allan Walker.

Dermanyssus gallinae

De zomer van 2017 stond geheel in het teken van de eiergate, dankzij de massale toepassing van het insecticide fipronil bij ‘professioneel’ gehouden legkippen. Miljoenen eieren vernietigd, hoewel experts volhouden dat er geen echte risico’s voor de volksgezondheid zijn. Fipronil mag nou eenmaal wel rond gespoten worden om vlooien bij katten en honden te bestrijden, maar voor legkippen is het niet toegestaan.

Het beestje dat op de achtergrond verantwoordelijk is voor het gifschandaal en de mediahype is minder dan één millimeter groot: de vogelmijt Dermanyssus gallinae, ten onrechte ook wel bloedluis genoemd. Het is in Europa de meest voorkomende parasiet bij leghennen. De mijten zijn lastig te bestrijden omdat ze zich in alle gaten en kiertjes van een kippenhok verstoppen. Eens in de twee tot drie dagen trekt een deel van de mijten er in het donker een paar uurtjes op uit om bloed te tappen. Het zijn akelige vampiertjes en het bloedverlies van leghennen kan aanzienlijk zijn, met soms wel een half miljoen mijten per leghen. Het leidt tot grote onrust en stress bij de kippen, met als gevolg minder eiproductie en een verminderde eikwaliteit.

De wetenschappelijke naam van de rode vogelmijt is zeer toepasselijk. Dermanyssus komt van het Grieks: derma betekent huid en nyssein verwijst naar bijten. Het zijn inderdaad huidbijtertjes en de soortsaanduiding benoemt de slachtoffers: gallinae is Latijn voor hennen. Heel treffend, hoewel: zo kieskeurig zijn de vampiertjes eigenlijk niet. Ook duiven en kanaries kunnen onder de vogelmijten zitten en zelfs zoogdieren en mensen zijn regelmatig hun bloeddonoren (Parasites&Vectors, 2015). Bij de mens veroorzaken de mijten de huidafwijking gamasoidosis of duivenschurft.

Het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde presenteerde in 1962 nog een eenvoudige therapie voor duivenschurft: vogelnesten verwijderen, en besmette kooien en ruimten bespuiten met Durotox, ‘kerosine waaraan DDT en enkele andere insecticiden zijn toegevoegd’. Dat waren andere tijden, terug naar de huidige.

Dit bericht verscheen in Bionieuws 13 van 26 augustus 2017.