Bionieuws

Nomen est Omen

Gevoelig beertje

De wasbeer (Procyon lotor). Foto Darkone, Wikipedia

In Noord-Amerika is het een bekend fenomeen: kleine gemaskerde bandieten die hun omgeving afstruinen op zoek naar iets dat eetbaar is. Planten, noten, fruit, muizen, kattenvoer, de inhoud van een vuilnisbak. Toch zal deze alleseter niet zomaar alles wat hij tegenkomt naar binnen schrokken. In de buurt van water neemt de gewone wasbeer zijn hapje eerst mee naar de waterkant, dompelt het onderwater, en begint te wrijven en kneden. Alsof hij de afwas doet.

Maar met wassen of schoonmaken heeft het gedrag bijzonder weinig te maken. Het slechtziende beertje vertrouwt van al zijn zintuigen het meest op zijn bijzondere pootjes. Deze bevatten net als bij primaten extreem veel zenuwen, en een groot deel van de hersenen is gereserveerd om informatie daarvandaan te verwerken. Natte pootjes doen het extra goed: de gevoeligheid van de tastzenuwen neemt dan toe. Vandaar dat de wasbeer graag even zittend aan de waterkant controleert of zijn gevonden object wel echt eetbaar is, of dat hij eerst nog delen ervan moet verwijderen.

Imago
Toch zal het imago van een wassende beer hem tot in de oneindigheid volgen: het ligt beklonken in zijn wetenschappelijk naam Procyon lotor. De genusnaam Procyon is latijn voor hondachtig, terwijl de soortsaanduiding lotor wasser bekent. Vrij vertaald wassende hond dus. Linnaeus deelde de wasbeer in 1740 aanvankelijk in bij de beerachtigen. Dit leverde hem eerst de naam Ursus cauda elongata op, ofwel langstaartige beer, vervolgens Ursus lotor, kortweg wassende beer, en tot slot kreeg de wasbeer in 1780 toch zijn eigen geslacht: Procyon.

Wie ooit in het wild in aanraking komt met een wasbeer kan overigens maar beter eveneens zijn handen wassen, zeker na contact met ontlasting. Ze zijn mogelijk drager van de wasbeerspoelworm, die ernstige neurologische schade bij mensen kan aanrichten. Wageningen Environmental Research waarschuwt in een onderzoeksrapport dan ook de vinger aan de pols te houden (16 januari online), aangezien gevestigde wasbeerpopulaties in Duitsland gevaarlijk dichtbij de Nederlandse grens voorkomen.

(De bericht verscheen in Bionieuws 2 van 28 januari 2017)