Bionieuws

Plant & Dier

Bokserkrab steelt pompom

De bokserkrab met zijn bemachtigde pompoms. Foto Yisrael Schnytzer

Niet alleen cheerleaders schudden neurotisch in het rond met hun pompoms, ook de bokserkrab Lybia leptochelis kan er wat van. Tussen het koraal van de Rode Zee zwaait hij soms driftig met zijn twee scharen, met op elke een kleine zeeanemoon. Soms om roofvissen af te schrikken, soms om prooien te verlammen met een prik van de anemoon. De krab blijkt zo gehecht aan zijn pompoms, dat een pompomloos individu alles op alles zet een nieuwe te pikken van een soortgenoot, ontdekten Israëlische onderzoekers (PeerJ, 31 januari).

De bokserkrabben en hun zeeanemonen (Alicia sp.) zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden, schrijven de onderzoekers in hun artikel. Elke krab heeft na zijn larvale stadium een setje pompoms; de zee-anemonen zijn in het wild nog nooit ergens anders waargenomen dan op de scharen van L. leptochelis. Alhoewel deze innige relatie al langer bekend was, vroegen de biologen zich af hoe de bokserkrab aan zijn pompoms komt, wat er gebeurt wanneer hij ze kwijtraakt, en welk effect deze symbiose heeft op de genetica van de zeeanemonen.

Daartoe zetten ze steeds twee in het wild gevangen bokserkrabben in een aquarium: een met pompoms en een na verwijdering van zijn pompoms. In praktisch alle gevallen leidde dit tot een worsteling waarbij het pompomloze individu een hele anemoon, of een stukje daarvan, wist af te pakken. Vervolgens scheurde de krab zijn gestolen anemoon doormidden, hing deze aan zijn scharen, en liet ze regenereren tot twee nieuwe volwaardige pompoms.

‘Door de zeeanemoon in tweeën te splitsen, veroorzaakt de krab effectief aseksuele reproductie bij de zeeanemoon’, schrijven de biologen in hun publicatie. En inderdaad, de twee pompoms aan de scharen van een enkel individu waren bij alle in het wild gevangen bokserkrabben genetisch identiek. Volgens de onderzoekers is dit een uniek voorbeeld van gedwongen aseksuele voortplanting onder dieren.

De pompomliefde gaat trouwens nog verder. De cheerleadertjes verzorgen hun pompoms als ware het bonsaiboompjes: door voedseltoevoer te controleren en af en toe een hapje te nemen, houdt hij ze op de juiste grootte. Precies groot genoeg om er tussen het koraal lekker driftig mee te zwaaien.